Rubbertranen

smak01Die schaarse zonnige zondag in augustus wandelde Charley op zijn dooie akkertje over het Jan Hoetplein naar het SMAK. Groot was zijn verbazing toen hij boven de ingang zag dat het museum naar zijn oude benaming “CASINO” had teruggegrepen. “Daar wil ik wel eens het fijne van weten”, zei ons altijd nieuwsgierige aagje, en meldde zich als Gentse hond gratis aan de balie. Met het ronde stickertje fier op de borst geplakt liep hij recht een Congolees dorp in. Het dorp dient als decor voor een soort commerciële jaarbeurs, zoals die vroeger op deze zelfde locatie werden georganiseerd, en waarin (FAKE, maar zeer herkenbare) bedrijven, banken en investeerders hun “diensten” en producten ter leegplundering van Congo aanbieden.

Lees verder

Charley en 1000 kg goden

Nyhavn

“Da’s ook een manier om het mobiliteitsprobleem op te lossen”, knikte Charley goedkeurend toen hij plots een boot in de beroemde Nyhavn in Kopenhagen door de lucht zag varen. Charley was letterlijk met hoge verwachtingen naar Denemarken afgereisd, want was dit niet het land van één van de grootste hondenrassen, de Deense Dog, waarvan de reuen MINIMAAL een schofthoogte van 80 cm hebben. Maar hoe hij ook rondkeek en -snuffelde, hij zag enkel Franse buldogs, Pekinezen en Mechelse Schepers keurig aan de leiband lopen.

Lees verder

Indianenverhalen

seattleSeattle hoeft geen letter aan zijn brief uit 1852 te veranderen”, riep Charley bewonderend uit, toen hij zich afvroeg hoe vandaag de brief van het indianenstamhoofd aan de Amerikaanse president zou luiden na honderd dagen – en een paar extra tenenkrullende weken – trumpzaamheid.

Seattle, siʔał, Si’ahl, Sealth, Seathle, Seathl of eventueel ook nog See-ahth, wist toen al dat de mens slechts een draadje is in het weefsel van de aarde, van het leven, en dat wat de mens dit weefsel aandoet, hij ook zichzelf aandoet. De Suquamish indianen, het volk van stamhoofd Seattle, moesten door de komst van de Europeanen, hun leven van vissen, jagen, het plukken van bessen en het reizen per kano drastisch aanpassen aan een nieuw economisch en sociaal systeem dat hen werd opgelegd door vreemde religieuze, maatschappelijke en politieke instanties. Missionarissen, pelshandelaren en uiteindelijk de kolonisten brachten niet enkel nieuwe en dodelijke ziekten mee, maar ook nieuwe technologieën, een monetair systeem én het concept van private eigendom, ook van land dat in de ogen van de indianen aan niemand en iedereen toebehoort.

Lees verder

Charley en de 60.065 bomen

Charley-in-het-bos“Wat jammer nou dat ik nooit de tijd zal vinden om de namen van alle 60.065 verschillende bomen uit het hoofd te leren, mét de Latijnse benaming er als bonus bovenop! Te druk, druk, druk”, klaagde Charley, als een hond die graag meetelt in de economische mallemolen. Hij zou er zo intens van hebben genoten zijn gezelschap urenlang te vergasten op een kurkdroge opsomming van hoog- en laagstammige gewortelden, waarbij hij zeker de nadruk zou leggen op enkele van zijn lievelingsbomen: de zomereik of quercus robur en de Amerikaanse eik of quercus rubra – “want wat de leeuw is onder de zoogdieren, is de adelaar onder de vogels, is de eik onder de bomen”, verkondigde Charley er even tussendoor – om dan vlot over de schakelen op de rhus glabra of de gladde sumac.

Lees verder

Meikever met een brilletje

kever-uit-de-oude-doosBegin de jaren zestig snorde tante Jeannot gezwind rond in haar ronkende donkerbruine Volkswagen Kever. “Wat een grappige auto,” proestte Charley het uit, toen hij zag dat de kever net als een fietser de linkerarm uitstak om links af te slaan en net hetzelfde deed, maar dan met de rechterarm als ie rechtsaf wou. “En”, merkte Charley met groeiende verbazing op, “aan die diasteem in zijn achterruit, kan Guy Verhofstadt wel een puntje zuigen!” 

Lees verder

Een mooi gebaar

vogeltjesToen Charley samen met 26.086 Vlamingen en 61.299 Nederlanders vol spanning vogels aan het tellen was tijdens het grote vogelweekend van eind januari 2017, was hij razend benieuwd welke vogel de populariteitsprijs zou winnen. Stiekem hoopte hij op een massale opkomst van de Vlaamse Gaai, het sierlijke winterkoninkje of de gespierde Jan Van Gent, met zijn met mascara opgemaakte husky-ogen, maar al gauw stelde hij vast dat de huismus met 57.034 exemplaren in Vlaanderen en 158.386 exemplaren in Nederland de meest getelde vogel was. De huismus is, in al zijn vrolijke banaliteit, een beste vriend van Charley waarmee hij graag van gedachten tsjirpt en net als Charley is de huismus een typische sociaal georiënteerde stadsbewoner die graag in de nabijheid van de bewoonde wereld overwintert om er voedsel te zoeken en er dicht bij de brandende kachel te slapen.

Lees verder